Author: Hivos
Publishing date: 18.04.2008 16:40

V Gentech en Milieu

Vragen over de gevolgen van gebruik van ggo's (genetisch gemanipuleerd organisme) voor het milieu en voor de gezondheid nemen in het gentechdebat een vooraanstaande plaats in. Wat het milieu betreft gaat het dan om vragen wat ggo's voor invloed hebben op de bodem, op andere organismen, op wilde verwanten kan de ggo leiden tot superonkruiden of zelf een superonkruid kan worden. Dat een ggo zelf een superonkruid kan worden is inmiddels in een aantal gevallen aangetoond. Zo is het herbicide resistente koolzaad in Canada een lastig onkruid geworden binnen en buiten de akkers, dat met zeer giftige middelen moet worden bestreden. Hetzelfde geldt voor de herbicide resistente soja in Argentinie.

Bestrijdingsmiddelen
Ecologische effecten

Bestrijdingsmiddelen


Voorstanders beweren vaak dat door gebruik van gemanipuleerde planten het bestrijdingsmiddelen gebruik drastisch vermindert. Daar valt echter heel wat op af te dingen. Alleen bij Bt-gewassen (die ongeveer 25 % van de genetisch gemanipuleerde gewassen in de wereld uitmaken) is er in sommige gebieden sprake van een lichte afname van het spuiten met bestrijdingsmiddelen. Daar staat echter tegenover dat Bt planten hun eigen bestrijdingsmiddelen aanmaken. Bovendien is de de overgrote meerderheid (zo’n 68 %) van de huidige ggo's herbicide resistent. Op deze planten worden juist meer bestrijdingsmiddelen gespoten.
top

Ecologische effecten


Tot op heden is er nog maar weinig onderzoek gedaan naar de ecologische effecten van genetische manipulatie in de landbouw. Er bestaat echter wel een onderzoek van de Royal Society in Engeland, verricht in opdracht van de Engelse regering en gepubliceerd in 2003, waarin wordt aangetoond dat twee van de drie onderzochte gewassen (koolzaad en suikerbieten) schadelijke effecten hebben op de natuur. Uit het onderzoek, de zogeheten Farm Scale Evaluations, gebaseerd op honderden veldproeven die met medewerking van de betrokken biotech bedrijven gedurende vier jaar werden gehouden, komt onder meer naar voren dat in velden met de genoemde genetisch gemanipuleerde gewassen minder voedsel voor vogels voorkomt.

Het onderzoek van de Royal Society heeft echter alleen maar gekeken naar een aspect van genetische manipulatie (de relatie tussen genetische manipulatie en bestrijdingsmiddelengebruik ) en naar vele andere (potentiele) ecologische effecten is nooit onderzoek gedaan. Ook zijn sommige ecologische onderzoeken erg moeilijk uit te voeren, zoals bijvoorbeeld onderzoek naar de gevolgen van ggo's op het bodemleven. Dit komt omdat heel veel micro-organismen in de bodem zich niet laten cultiveren in het laboratorium. Desalniettemin is wel aangetoond dat de Bt-toxines (het ingebouwde gif dat door sommige genetisch gemanipuleerde planten wordt geproduceerd) in sommige bodemtypes lang overleven. Bt gewassen produceren gif dat niet alleen plaaginsecten doodt, maar ook de insecten die weer leven van deze plaaginsecten. Net als gewoon bestrijdingsmiddel verstoort dit dus de natuurlijke balans. In de VS en Argentinië is de laatste jaren bij een aantal onkruiden resistentie tegen glyfosaat (Roundup Ready )vastgesteld. Door het enorme gebruik van glyfosaat op transgene soja en maïs is dat ook onvermijdelijk. Het gevolg is dat boeren weer andere herbiciden moeten gebruiken om deze onkruiden te bestrijden. Dat hierdoor het herbiciden gebruik nog weer verder toeneemt is evident.
top