Author: ASEED
Publishing date: 09.02.2005 18:08
II De Discussie
Beweerde voordelen:
- Gentechnologie maakt het mogelijk om heel gericht één gen met een nuttige eigenschap in te brengen in een plant.
- Gentechnologie versnelt de veredeling aanzienlijk.
- Genetische manipulatie is niets nieuws: ook in de klassieke veredeling veranderen we het DNA van planten al duizenden jaren.
- Transgene gewassen maken een vermindering van pesticidengebruik mogelijk.
- Gentechlandbouw leidt tot besparingen op brandstofgebruik en vermindert erosie omdat er minder geploegd hoeft te worden door gebruik van herbicideresistente gewassen.
- Met gentech-gewassen worden hogere opbrengsten gerealiseerd. Dit is met name nodig gezien de toenemende wereldbevolking en de afnemende hoeveelheid landbouwgrond.
- Gentechnologie kan een substantiële bijdrage leveren aan het oplossen van het hongerprobleem in de wereld.
- Met gentechnologie kunnen in de toekomst mogelijkerwijs zoutresistente en droogteresistente gewassen worden gemaakt.
- Met gentechnologie kunnen er meer voedzame gewassen worden ontwikkeld (bijvoorbeeld rijst met vitamine A oftewel gouden rijst).
- Er is geen bewijs dat gentechgewassen onveilig zijn. In Amerika eet men al jarenlang ggo's en er is nog niemand ooit ziek van geworden.
- Gentechgewassen kunnen bijdragen aan het tegengaan van klimaatverandering, doordat ze de kooldioxide-uitstoot verlagen.
top
Beweerde nadelen:
- De techniek is helemaal niet zo precies. Het ingebrachte genconstruct komt op een willekeurige plek in het plantgenoom terecht en verstoort daar de samenhang. Daardoor treden onverwacht bij-effecten op.
- De meeste gentechgewassen zijn tot nu toe herbicide-resistent. Deze resistentie leidt binnen enkele jaren juist tot een toename in plaats van een afname van pesticidengebruik.
- Er is geen sprake van hogere opbrengsten als er een objectieve vergelijking wordt gemaakt met gentechvrije gewassen. Onderzoek laat zien dat de oogst dan vaak een paar procent lager is.
- Honger is een verdelingsprobleem, geen productieprobleem.
- Droogteresistentie en zoutresistentie komen van nature voor in allerlei planten. Daar is geen gentechnologie voor nodig.
- Een gevarieerd dieet is van veel groter belang dan rijst met toegevoegde vitamine.
- Door gentechgewassen ontstaan 'superonkruiden' en de gentechgewassen worden soms zelf een onkruid. Dit vormt een bedreiging voor het milieu, omdat meer en zwaardere bestrijdingsmiddelen moeten worden gebruikt tegen dit superonkruid.
- Gentechnologen kijken niet naar de oorzaken van de problemen maar zijn meestal bezig met symptoombestrijding.
- Er is geen bewijs dat ggo's veilig zijn voor de gezondheid: de effecten van consumptie zijn nog nooit afdoende onderzocht, zeker niet bij mensen. Ook in Amerika, waar mensen het eten, wordt niet onderzocht of ze er ziek van worden.
- De langetermijn-gevolgen van ggo’s voor het milieu en de biodiversiteit zijn grotendeels onbekend. En wat wel bekend is belooft niet veel goeds.
- Gentechlandbouw bedreigt de biologische en traditionele landbouw omdat gentechgewassen biologische en traditionele gewassen kunnen verdringen.
- Er is geen consumentenvraag naar genetisch gemanipuleerd voedsel, katoen of brandstoffen.
- In ontwikkelingslanden, maar ook in westerse landen, verkrijgen multinationale ondernemingen een te grote machtspositie en wordt de autonome voedselproductie van streken en landen in gevaar gebracht. Dit gebeurt door het verbieden van het gebruik van geoogst zaad met patenten en de bedreiging van de traditionele agrobiodiversiteit. Gentechnologie brengt de voedselproductie in handen van grote ondernemingen.
top
Documenten die hierop betrekking hebben:
Signaleringsrapport voor de minister van VROM over de sociaal-economische aspecten van ggo's, met het oog op het verbeteren van het moeizame debat in de EU (zie "Wet- en regelgeving" onder "Risicobeoordeling en nationale moratoria").
Samenvatting van de meest omvattende en grondige beoordeling van de landbouw tot nu toe, door 400 wetenschappers, gefinancierd door de VN en de Wereldbank, onderschreven door 58 landen (niet Nederland); met commentaar op gentechnologie.